Romeinse Limespad van Odijk naar Wijk bij Duurstede

Op dinsdag 1 september 2020 reden we met de bus naar Odijk en pakten daar de route op. We hadden met dit pad al heel wat keren langs de Rijn gelopen en ook deze dag was dat het geval. Meestal heette deze dag de rivier: Kromme Rijn. We volgden langs Odijk het Jaagpad dat na oversteek van de Kromme Rijn Rijnveldsepad heette. Die benaming bleef het houden nadat Werkhoven voor Odijk was ingeruild. Daarna volgden we de Beverweertseweg. Hier kregen we een fraai uitzicht op kasteel Beverweerd. Op deze weg kwam een dame van ongeveer onze leeftijd teruggelopen. Zij liep, net als wij, ook naar Wijk bij Duurstede. Zij volgde echter het Utrechtpad dat hier samenliep met het Romeinse Limespad. Zij liep terug omdat in haar wandelboekje stond dat bij kasteel Beverweerd een van de oudste ijzeren bruggen van Nederland ligt. In het korte kennismakingspraatje met de dame bleek zij in hetzelfde dorpje op de Utrechtse Heuvelrug te wonen als wijzelf.

Nu werd Werkhoven genaderd. Coos had wel zin op koffie. Onze app gaf aan dat in Werkhoven zich twee uitbaters zouden bevinden die koffie konden schenken. De eerste uitbater bleek permanent gesloten te zijn en de tweede ging pas om 11 uur open en een uur wachten vonden wij te lang. Snel achterelkaar werd de Achterrijn en de Kromme Rijn overgestoken. Nu volgden we de Jachtrustlaan. De kaart op de app gaf aan dat we hier op de grens van Werkhoven en Driebergen-Rijsenburg liepen of te wijl op de grens van de gemeente Bunnik en de gemeente Utrechtse Heuvelrug. Opnieuw staken we de Kromme Rijn over en volgden nu een fraai graspad met de naam Gulden Hoevepad. We hadden hier vaker gelopen en wisten derhalve dat we bij de onderdoorgang van de N229, de provinciale weg van Bunnik naar Wijk bij Duurstede, ons bijna dubbel moesten vouwen, zo laag dat de onderdoorgang was.

We kwamen uit op de Watertorenweg. Deze weg liep ook langs de watertoren maar de watertoren was niet meer als zodanig in gebruik. Er werd onderhoud aan de watertoren uitgevoerd. Drie mannen werden met een lift langs de watertorenmuur omhoog gebracht. Wat ze daar precies gingen doen weten we niet want we liepen ondertussen verder. We kwamen bij de brug over de Oude Kromme Rijn. Hier stond naast het pad een Romeinse Zuil met inscriptie. Het was een zuil van recente datum want onderaan de zuil was de tekst BAM zichtbaar en de Bataafse Aanneming Maatschappij bestond in de Romeinse tijd niet. Nu volgden we een tijdlang de Oude Kromme Rijn. Op de kaart op de app zagen we dat de gemeentegrens van Bunnik en Wijk bij Duurstede hier in het verleden de loop van de Oude Kromme Rijn volgden. Want het ene moment bevonden we ons in Bunnik en 100 meter verderop liepen we in Wijk bij Duurstede.

Na een paar grote slingers in het pad liepen we op een gegeven moment vrij dicht langs de Kromme Rijn met aan de andere zijden daar ook dicht langs de Graaf van Lynden van Sandenburgweg. Volgens de alle-bankjes-app zouden we nu bij een bankje komen maar het bankje was weg. Wel stond aan de overzijde van de Kromme Rijn een bankje maar daar hadden we hier natuurlijk niets aan. Nog voordat de bebouwde kom van Cothen werd bereikt kwamen we nog bij een bankje waar we een rust hielden. Voordat het centrum van Cothen werd bereikt liepen we nog kasteel Rhijnestijn met daarvoor het poortgebouw. Ook in Cothen waren twee cafés die allebei dicht waren. Daarop besloten we wat bij de Spar te kopen en buiten te nuttigen.

Cothen werd verlaten en opnieuw werd de Kromme Rijn opgezocht. Nu was het niet ver meer naar Wijk bij Duurstede. In het centrum van Wijk bij Duurstede bestelden we bij café De Engel op de markt een koffie. Een blik op ons horloge deed ons spoedig besluiten om snel af te rekenen. Daardoor konden we bus 56 van 15:11 uur nog halen die ons naar station Driebergen-Zeist bracht.

Klik HIER voor de betekenis van de buttons die boven aan dit verslag staan.

Henri Floor