Zonsopgang boven Warffum: een magische start
De dag begon vroeg, met een betoverende zonsopgang nabij het station van Warffum. Terwijl de eerste zonnestralen het landschap kleurden, verzamelden wandelaars zich bij de startlocatie. De sfeer was verwachtingsvol en gemoedelijk.
Langs de Wadwerderweg: cultuur en historie
De route leidde ons al snel langs de schilderachtige Wadwerderweg, waar het Groninger landschap zich van zijn mooiste kant liet zien. Tussen de velden en boerderijen doemde het statige Huize Wadwerda op, een historisch pand dat de grandeur van het Hogeland weerspiegelt.
Het lijkt op een sprookjespaleis maar het is erg verwaarloosd.
Voor het huis staan 2 auto's waaruit geconcludeerd kan worden dat het nog wel bewoond is.
De muziekgroep Boom Boom Boys van Showkorps Dindua langs de weg zorgde voor een feestelijke noot, met klanken die perfect pasten bij het festivalthema: Klanken van het Hogeland.
Usquert: een dorp vol verhalen
Bij Wadwerderweg 85b werden we hartelijk verwelkomd in Usquert.
Bij Wadwerderweg 32 stond een Duitse Jachtwagen model Victoria uit 1890 te koop.
Daarna kwamen we bij het voormalige raadhuis — het beroemde Berlagehuis — dat imponeerde met zijn architectuur.
Op een mooi betegeld bankje, met de tekst Usquert, in het dorpshart nabij molen Eva genoten we van een korte pauze.
Iets verderopkwamen we bij de prachtige Petrus en Pauluskerk, waarvan de robuuste toren al eeuwenlang het dorp bewaakt.
Streeksterweg en de aardappelboog
Nu kwamen we bij Streeksterweg 2.
Omdat NVA Makelaars mede dit Wandelfestival ondersteunde met een geldelijke bijdrage, werden we in de gelegenheid gesteld om dit pand van buiten en van binnen te bezichtigen.
Op Funda erd dit huis omschreven als: Exclusief - Art Noeveau Villa met een perceelsgrootte van 7.000m². Het huis was onder voorbehoud verkocht voor 899.000 euro.
Op met vraag of de verkoopprijs boven of onder de 9 ton was, wilde de man niet zeggen. Later zag ik dat het huis voor 1.000.000 te koop heeft gestaan.
De geschiedenis van deze villa luidt:
In 1903 werd in opdracht van de herenboer Hendrik Reinders 'Villa Biwema' gebouwd, naar een ontwerp van de Groninger architect Gerrit Nijhuis. De exclusieve VILLA is ontworpen in de 'Art Nouveau' stijl, waarvan met name het exterieur zeer indrukwekkend is. Niet alleen de hoge mate van detaillering, maar zeker ook de exclusiviteit ervan. Het betreft dan ook niet voor niets een Rijksmonument en zelfs in tweevoud: Zowel de woning alsmede het vrijstaand voormalig koetshuis. Daarbij is het geheel met zorg onderhouden en daarbij direct bewoonbaar. De status van een Rijksmonument geeft overigens aantrekkelijke subsidiemogelijkheden voor het onderhoud ervan.
In het buitengebied van Usquert had een aardappelenboer een aardappelboog gemaakt waar doorheen gelopen kon worden.
Nabij Streeksterweg 99+101 voerde de route door enige statige lanen en kregen we bij een boerderij iets lekkers.
’t Lage van de Weg en Uithuizen
Voordat Uithuizen werd bereikt kwamen we door buurtschap ’t Lage van de Weg. Langs de kant van de weg zagen we oude foto's van vroeger.
Voordat het centrum van Uithuizen werd bereikt hadden we bij een boerderij een rust waar we kofie en wat lekkers konden krijgen.
Bij het verlaten van de boerderij was een draad gespannen waaraan in gekleurde letters de tekst
Doar bluit mien eeraappelland ons begroette. In het centrum bewonderden we de Doopsgezinde kerk, het Gemeentehuis, en de Jacobikerk, waar we ook doorheen liepen. Ook kwamen we langs ons overnachtingsadres, Hotel Eckhardt.
Na de Zionskerk kregen we even zicht op het haventje.
Hoogtepunt was de Menkemaborg, een juweel van een landhuis met tuinen die uitnodigden tot dwalen.
Wij liepen er echter gedeeltelijk omheen.
Daar troffen we Hans de Troubadoer die mooi op zijn gitaar speelde en er ook liedjes bij zong. We zagen hem deze dag op twee verschillende plekken.
Op de website van Hans de Troubadour vonden we later meer over de artiest die ons onderweg ontroerde met zijn liederen.
Muziek en verhalen onderweg
Over de lange Heerdweg werd de Meedstermaar bereikt en gevolgd naar en bij ’t Klokhoes te Zandeweer.
Verschillende keren had de zon inmiddels fel geschenen waardoor de temperatuur aardig was opgelopen.
Door de zwaarte van het parkoers op de vorige dag was de vermoeidheid al aardig toegeslagen waardoor het enthousiasme om te fotograren sterk was afgenomen.
De Johannes de Doper kerk werd nog even van binnen bekeken en daarna zaten we even buiten op een stenen bankje tegen de kerkmuur aan in de schaduw.
Eissingeheem en Kantens
Vlak voor de brug over de Eppenhuistermaar kwam van links het Eppenhuistermaarpad en na de brug heette het pad Jukpad.
Wij bleven de doorgaande weg naar Eissingeheem volgen.
Voor de ingang van het landgoed rond boerderij Eissingeheem stond een portier in een soort eftelingenpad enbegroette ons vriendelijk.
Een bord gaf aan dat we overal in de hele tuin mochten lopen. Wij kozen een bankje wat achteraf waarwe ons eerder gekochte bouillon rustig konden opdrinken.
Eissingeheem is een monumentale boerderij met rijke historie.
De Onnemaweg ging over in de Klinkeborgerweg.
In een bocht van de weg genoten we van een optreden van het Ainrommer Schantykoor uit Eenrum.
Rottum: kloosterlijke rust
In Rottum bezochten we het Hoeske van Thais Joaptje, een klein museumhuisje dat het verleden tastbaar maakt. De Kloosterkerk bood een moment van bezinning, met haar sobere schoonheid en serene stilte.
Vanaf de kloostermuur hadden we een wijds uitzicht.
De vermoeidheid had inmiddels toegenomen waardoor we nu op bijna elk bankje een rust hielden.
Terug langs de Usquerdermaar
Na Rottum en na de afslag naar Bethlehem was een parkoers wijziging. Althans, de route die we volgden was niet de oorspronkelijke route die de GPS aangaf. Later bleek dat de GPS wel de gelopen route aangaf.
De laatste rustpost was bij gemaal Usquert. Hier lieten we ons de latte Machiatto goed smaken, ondanks dat de koffie in een kartonnen bekertje werd geserveerd.
Nu volgden we een paar paden die ook niet op een gedetailleerde topografische kaart staan.
Voor deze gelegenheid waren een paar tijdelijke bruggetjes aangelegd. De tocht eindigde waar hij begon: in Warffum, met vermoeide benen maar een hoofd vol herinneringen.
100 meter voor de finish kwam Coos mij toegelopen. Zij was overgestapt op de 15 km.
Ze stelde voor om naar het station te lopen.
Daardoor heb ik mij niet afgemeld en ook de medaille niet in ontvangst kunnen nemen.
Het was maar goed dat we meteen naar het station liepen, want de trein reed nu maar eenmaal per uur.
Het waren weer prachtige dagen geworden.
Wel heb ik na afloop een week nodig gehad om weer helemaal uitgerust te geraken,
Een tocht vol klanken, verhalen en ontmoetingen. Een ode aan het Groninger landschap en haar mensen.