|
|
|
![]() |
|
De FLAL Dwingelderveld-wandeltocht vanuit Dwingeloo |
Op zaterdag 3 december 2005 organiseerde de FLAL een 25 en 35 km wandeltocht vanuit Dwingeloo. De start was vanuit café restaurant De Vogelsangh.
Dwingeloo ligt in de gemeente Westerveld.
De Gemeente Westerveld ligt in Zuidwest-Drenthe. Het is een plattelandsgemeente met twee Nationale Parken binnen haar gemeentegrenzen en 26 grote en kleinere kernen. De gemeente omvat de dorpen Boschoord, Darp, Diever, Dieverbrug, Doldersum, Dwingeloo, Eemster, Frederiksoord, Geeuwenbrug, Havelte, Havelterberg, Leggeloo, Lhee, Lheebroek, Nijensleek, Oldendiever, Oude Willem, Uffelte, Vledder, Vledderveen, Wateren, Wapse, Wapserveen, Wilhelminaoord, Wittelte en Zorgvlied. Voor de herindeling op 1 januari 1998 was de gemeente opgesplitst in de gemeenten Diever, Dwingeloo, Havelte en Vledder.
We verlieten Dwingeloo aan de noordwest kant. Bij een rotonde liepen we even parallel aan verkeersweg (N855) in de richting van Dieverbrug. Maar na een paar honderd meter sloegen we af en liepen nu naar Huize Batinghe. We herkenden deze plek van de vierdaagse vanuit Diever. Hier hadden we eind mei een verzorgingspost gehad.
Van de vier havezaten in Dwingeloo was Batinghe de grootste. Batinghe werd in het begin van de 14e eeuw gesticht en in 1832 uiteindelijk afgebroken. De heren van Batinghe behoorden tot de "aanzienlijksten" in Drenthe en hebben een groot aandeel gehad in de bouw en de verfraaiing van de kerk.
Een eind verderop werd bosgebied Broekenlaar bereikt.
In buurtschap Westeinde kwamen we langs de zijkant en achterkant van Havezate Oldengaerde.
Over de oorsprong van de naam Westeinde bestaat geen twijfels. Dit buurschap ligt enigszins ten westen van Dwingeloo. Het element ‘einde’ betekent hier: lange (straat-) weg waarlangs bebouwing. Ten oosten en zuidoosten ligt de Westeindiger-es, ten westen en noordwesten de weide- en hooilanden. Bronnen vermelden: West Einde (1812), Het Westeinde (1851-1855), Het Westeinde van Dwingelo (1867), ’t Westeinde (1868).
Nabij Havezate Oldengaerde stonden enige fraaie beukenbomen. Beukenbomen hebben de eigenschap hun blad heel laat te verliezen. Bovendien waren de bladeren heel mooi gekleurd. Deze tocht stond vaak in het teken van mooie herfstgekleurde beukenbomen.
Havezate Oldengaerde, gelegen aan het Westeinde, dateert van omstreeks 1660 en bestaat nog steeds. Deze havezate is met zijn brede statige voorgevel één van de mooiste gebouwen in de naaste omgeving van Dwingeloo, ondanks de verbouwing in 1717. Voor die tijd had het huis nog een sierlijke topgevel boven de ingangspartij in het midden.
Bij Huize Oldenhut sloegen we af naar bosgebied De Bork.
Landgoed Bork is bekend om zijn krententuin. De krentenstruiken zijn van origine Canadese boompjes.
Opnieuw liepen we langs of over paden en wegen die omzoomd waren met beukenbomen en waar op de grond een bruin bladertapijt lag.
Daarop werd het Nationaal Park Dwingelderveld betreden. In dit park vertoefden we het grootste deel van de tocht. We kwamen langs een grafheuvel. Verder kregen we een fraai uitzicht op de Dwingeloose Heide en de Davidsplassen. De lucht in de verte had een rood/oranje kleurige gloed.
Bij de Davidshoeve verlieten we de bosrand, tevens heiderand en dwaalden daarop door bosgebied Lheederzand. We passeerden een verbodsbord met de tekst: “Mobiele telefoons mogen niet worden gebruikt binnen de storingsvrije zone van de radiotelescoop Dwingeloo. Telefoons moeten worden uitgezet”. Daaronder zat een rond wit bord met rode rand en de afbeelding van een mobieltje.
Nu kwam de samenvoeging met het 25 km parkoers, want wij liepen het 35 km parkoers. Twee wandelaars, die woonachtig zijn in Rotterdam, waren om 10 uur gestart en hadden tot dit punt de 25 km route zonder papieren pijlen gevolgd omdat de pijlophalers om 9.30 uur vertrokken waren.
We liepen nu door de noordkant van bosgebied Lheeder Zand. In een bezoekerscentrum van Staatsbosbeheer was een verzorgingspost ingericht. Hier was ook een diavoorstelling. Deze werd door de wandelaars vooral bezocht omdat ze daardoor een zitplaats hadden. Deze locatie kenden we ook van de Drents Friese Wold Wandelvierdaagse.
Op weg naar de grote rust liepen we door bosgebied voornamelijk van het ene veen naar het andere veen. Venen zijn hier laagten waar veelal plassen in liggen. Je kan dit bosgebied ook wel het plassengebied noemen. Eerst kwamen we langs het Slichteveen. Daarna kwamen we langs het Grote veen en het Diepveen. We kruisten de N855 (Spier-Dwingeloo). Daarna passeerden we het Zandveen. Voor het Wolfsklauwveen sloegen we af. Toen we bezig waren om een foto te maken van een passage met plassen op het pad, zeiden wandelaars die ons passeerden: ”je gaat toch geen foto van ons maakten als we uitglijden”. Daarop antwoorden we met: ”je brengt ons wel op een idee”. Daarop volgde nog het Karreveen en het Witte Veen. Tenslotte liepen we nog een traject van de ANWB Zuider Kluft wandelroute.
De grote rust was in het Van Der Valk hotel Spier in de gelijknamige plaats, gelegen aan de A28-snelweg. Na de grote rust liepen we zuidwaarts, parallel aan de A28. Opvallend was het dat hier langs de snelweg een ongeveer 5 meter hoge zandwal lag.
We liepen nu in de richting van de Holtveenslenk.
Het Holtveenslenk is een uitgegraven laagte, die er vroeger ook lag als veengebied. Nadat de turf vergraven was, is het ontgonnen en volgepoot met bos. Vanaf 1994 is gewerkt om dit terrein een nieuwe natuurwaarde te geven, als “natte”slenk. Ongeveer 240.000 kubieke meter grond is weggehaald, zodat u nu fraaie watervogels als roodhalsfuut, geoorde fuut, kuifduiker, dodaars en kleine plevier kunt ontdekken. Zelfs zilverreiger en zwarte ruiter zijn gesignaleerd!
Op een splitsing die wat leek op een Y-splitsing stond een pijl rechtdoor. Rechtdoor liep weliswaar een smaller pad, maar de ondersteunende pijl zat vastgemaakt op de stronk van een afgezaagde boom en was daardoor niet duidelijk zichtbaar voor iedereen. Bovendien liepen in het verlengde van de zandweg naar rechts talrijke wandelaars. Dat kwam echter doordat verderop in het parkoers de wandelaars daar ook kwamen.
Wij liepen verder langs het Holtveenslenk.
Bij de plas Moddergat sloegen we scherp af. Nu liepen we tussen twee plassen door waarbij bomen, die achter het meer stonden fraai in het water weerspiegelden.
Bij een schuilhut hielden we een rust. We konden hier mooi uit de wind zitten en hadden een prachtig uitzicht op de wandelaars die op de voornoemde onduidelijke splitsing de kortste route hadden genomen. We zagen in het bos talrijke dennenbomen die geelachtig/bruin gekleurd waren.
We passeerden nog driemaal een veen, eerst het Koelevaartsveen, daarna het Lange veen en tenslotte het Smitsveen. Daarop kwamen we dan langs de radiotelescoop.
Met de radiotelescoop wordt de ruimte afgezocht en belangrijke ontdekkingen zijn al gedaan. Zo is er bijvoorbeeld door deze telescoop een nieuw sterrenstelsel ontdekt dat ook de naam Dwingeloo draagt. De radiotelescoop ligt, om storingen te voorkomen, in een stiltegebied waar motorverkeer en mobiel telefoneren niet is toegestaan. Het is dan ook één van de stilste plekken van Nederland. Rust, ruimte en natuur horen dan ook bij Dwingeloo, net als avontuur en ontdekkingen.
Hier hadden we een fraai uitzicht op de Dwingeloose Heide.
Nu liepen we door bosgebied naar het Planetron.
In het Planetron bevindt zich een uniek ruimtetheater met een projectiescherm van meer dan 350 vierkante meter.
Vandaar liepen we verder over de Drift naar het centrum van Dwingeloo. Bijzonder aan deze weg was, dat er naast een vrijliggend fietspad ook een vrijliggend voetpad lag. Omdat het wandelpad hobbeliger was, werd door de meeste wandelaars het fietspad gebruikt.
Via de Brink van Dwingeloo en een blik op de uitstekende toren van de St. Nicolaaskerk werd de finish na 6 ¾ uur bereikt. De afgelegde afstand bedroeg 36 km.
De Sint Nicolaas of Nederlands Hervormde kerk staat op de zuidoosthoek van de Brug-es. Deze bakstenen, gotische, zaalkerk is gebouwd omstreeks 1410 op de plaats van een ouder kerkje uit de 12e eeuw. Het schip is éénbeukig en geeft aan de noordzijde toegang tot een aanbouw, de zogenaamde Sint Maartenskapel. Vanaf 1410 tot de reformatie (1598) stond hier het altaar van het Sint Maartenvicarie. De collator was de bezitter van het huis Entinge. Tussen 1640 en 1669 en van 1725 tot ca. 1777 was de kapel in eigendom van de heren van Batinge. Sindsdien behoort het toe aan de erfgenamen van de havezate Oldengaerde. Zij hebben er tevens een eigen herengestoelte, de z.g. “van Oldengaord’ns baank”. Omdat de kapel enige malen behoorde aan de heren van Batinge wordt hij in de volksmond ook wel genoemd naar deze havezate. Drie andere vicariealtaren in de kerk waren gewijd aan Onze-Lieve-Vrouwe (1382), Het Heilig Kruis en Sint Catharina, waarvan de laatste verbonden was aan de kosterij. De koster van Dwingeloo was tevens schoolmeester en vanaf 1665 ook organist. Het versmalde overwelfde koor eindigt met een driezijde apsis. In het muurwerk aan de noordelijke buitenzijde bevinden zich nog restanten van een sacristie. De profiellijsten van de dichtgemetselde toegang waren nog tot 1924 nog aanwezig. Tegenwoordig verraadt alleen de kleur van de nieuwe bakstenen de plaats van de verdwenen deur. In het koor bevindt zich de grafkelder van het huis Batinge. Onder het gestoelte in de kapel ligt de begraafplaats van de familie Van Westerholt tot Entinge.
|
|
Henri Floor
|