Vorig WS78 verslag Volgend WS78 verslag Terug naar de overzicht van alle WS78 wandeltochten Terug naar de homepage van Henri Floor Met WS78 in Barneveld
embleem WS78 Dit is het wapen van Barneveld. 
Dit wapen is te vinden op de lokatie www.ngw.nl/indexgb.htm  
Deze site is mogelijk gemaakt door de 
Bank Nederlandse Gemeente te Den Haag Op zaterdag 13 februari 1999 organiseerde WS78 een wandeltocht vanuit Barneveld. De start was vanuit een bedrijfshal van industriegebied Harselaar. We liepen eerst naar en vervolgens langs de spoorlijn Amersfoort-Apeldoorn. Bij een viaduct over de spoorlijn aangekomen moesten we eerst steil een talud beklimmen. Door de sneeuw gaf dit de nodige problemen. De meeste wandelaars waren ons al vooruitgegaan en we zagen hier geen achterblijvers. Het moest ons dan ook wel lukken. Na de spoorlijn staken we ook de A1-snelweg over. Rechts zagen we het meer Aanschotergat liggen. Na een honden- en kattenpension (volpension?) sloegen we af en bereikten het recreatiegebied Zeumeren met een groot meer. Dit meer is ontstaan door zandwinning voor de aanleg van de A1-snelweg. Gedeelten van het meer waren bevroren. In anderen delen zwommen eendjes. Van het Johannabos liepen we langs de oostkant van de plaats Voorthuizen naar het Wilbrinkbos. Bij de Prinsenkamp, een particulier terrein werd een oorspronkelijke mondeling toezegging tot betreden van het terrein omgezet in een verbod tot het betreden van het terrein. Vermoedelijk bij het zien van hordes wandelaars werd het verbod ingegeven. Na een omweg met een extra afstand van 1150 meter volgden we ons pad. We volgden hier, in de gemeente Nijkerk, een stuk langs het Waterleiding Appelsche Maatschap. Spoedig verlieten we Nijkerk weer en betraden nu de gemeente Putten. Op 13 km was de soeppost. De soep smaakte hier heerlijk en we besloten een extra bekertje soep te kopen. We dwaalden verder, veelal door bossen. Daarbij liepen we nog door buurtschap Veenhuizerveld, door het Huinerveld en via de Poolsche Driessen naar het buurtschap Krachtighuizen. Na een paar grafheuvels en het Pinetum van Putten bereikten we het centrum van Putten. Hier was de grote rust in Zalencentrum de Aker. Van Putten is nog het volgende te melden:
Dit is het wapen van Putten. 
Dit wapen is te vinden op de lokatie www.ngw.nl/indexgb.htm  
Deze site is mogelijk gemaakt door de Bank Nederlandse Gemeente te Den Haag Putten in de middeleeuwen
Putten komt van Puthem of Putheim, woonplaats bij een put. Achter de kerk vindt U dan ook een symbolische waterput. Putten werd voor het eerst genoemd in 855 als een zekere Folckerus zijn goederen, waaronder het "vico Puthem", schenkt aan een klooster te Werden (bij Essen). In 1031 wordt Putten opnieuw vermeld als Bisschop Meinwerk, uit dankbaarheid dat hij de pest heeft overleefd, zijn Puttense goederen schenkt aan het klooster Abdinckhof te Paderborn (Westfalen). Omdat het moeilijk is deze goederen te beheren van zo verre afstand, sticht het klooster een dependance, het Hof van Putten, met aan het hoofd een soort rentmeester, die cellularius of op zn Nederlands kellenaar wordt genoemd. Het Hof van Putten heette dan ook wel kelnarij. Na de Franse revolutie kwam er een einde aan deze toestand en verviel de kelnarij aan de staat. Van de bijbehorende gebouwen, de burcht, het huis en de kapel bleef geen steen overeind. Zo eindigde de eeuwenoude relatie van Putten met Paderborn.

Putten tijdens de tweede wereldoorlog
In 1944 is het de Duitse plaats Ladelund, die een rol gaat spelen in Puttens historie. Ladelund ligt even ten zuiden van de Deense grens in Sleeswijk Holstein. Het begint op zaterdagavond 30 september 1944. Een Puttense verzetsgroep pleegt een aanslag op een Duitse legerauto, waarbij twee hoge Duitse officieren ernstig worden gewond. De Duitsers zijn razend en willen een voorbeeld stellen. Tijdens de kerkdienst de volgende ochtend omsingelen ze het dorp Putten en sluiten het hermetisch af. Alle bewoners worden in de kerk bijeengedreven. In het begin van de avond mogen de vrouwen en kinderen naar huis, maar ze moeten de volgende ochtend terugkomen. Maandagochtend 2 oktober leest een hoge Duitse officier het vonnis voor. Als represaille voor de aanslag zullen alle mannelijke inwoners tussen de 18 en 50 jaar worden weggevoerd. Het dorp Putten moet binnen twee uur volledig geëvacueerd zijn en zal daarna worden platgebrand. Aldus gebeurt. Maandag 2 oktober 1944 is de zwartste dag in de geschiedenis van Putten. Een gedenksteen in de kerkmuur en een monument met een beeldhouwwerk van Mari Andriessen voorstellende een treurende Puttense vrouw in klederdracht herinneren ons er aan. De weggevoerde mannen, 660 in totaal, gaan eerst naar het concentratiekamp in Amersfoort en worden later verder doorgezonden naar verschillende concentratiekampen in Duitsland. Slechts 108 overleven het. Eén van de concentratiekampen waar veel Puttenaren terecht komen is nabij het dorp Ladelund. Daar protesteert de plaatselijke Duitse predikant Pastor Johannes Meijer fel als hij voor het eerst een grote groep uitgemergelde gevangenen door het dorp ziet komen. Zijn protest haalt niets uit. Hij wordt door de commandant van het kamp bedreigd met represailles als hij zo lastig blijft. Toch weet hij gedaan te krijgen dat de overleden gevangenen op het kerkhof van Ladelund begraven mogen worden. Nauwkeurig houdt hij de lijsten bij met namen van de overledenen. Tijdens de begrafenissen weet hij uit het zicht van de SS de gevangenen voedsel toe te stoppen. Na de bevrijding brengt Pastor Meijer samen met zijn vrouw en dochter een bezoek aan Putten. Dit legt de grondslag voor een brug die geslagen wordt tussen Putten en Ladelund, een brug van liefde over alle leed heen. Er worden verschillende pelgrimages gemaakt van Puttenaren naar Lade-lund. En ook de inwoners van Ladelund komen op bezoek in Putten. Deze wederzijdse bezoeken duren voort tot op de dag van vandaag.

De tweede helft van de wandeltocht
In een buitenwijk van Putten stonden een paar kinderen die van alles aan de wandelaars vragen, zoals "wat is er nou leuk aan om zon grote afstand te lopen" en "waarom loopt u helemaal alleen". We kwamen in het Putterbosch uit. Hier was weer een parkoerswijziging. Vermoedelijk kwam dit doordat hier heel veel bosarbeiders bezig waren met het omzagen van bomen. En het in stukken zagen van boomtakken. Toen wij er liepen waren zeker vier verschillende groepen bezig met zagen. Dit kwam de rust, die wij in bossen verwachten, bepaald niet ten goede. Het Putterbosch ging over in het Sprielderbosch. Via het Groot Spriel en het Klein Spriel bereikten we de koffiepost op 32 km. Nog steeds scheen de zon volop. Nog steeds vroor het. En nog steeds lag er, naar Nederlandse begrippen, veel sneeuw op de landerijen en huizen. We kwamen verschillende keren langs boerderijen waar fraaie ijspegels aan de dakranden hingen. Het waren net kerstplaatjes. Een paar maal liepen we over wegen waar we op de heenweg ook al over heen waren gekomen. Nu stonden de pijlen (gelukkig) de andere kant opgericht. In Voorthuizen was nog op 36 km de fruitpost. De totale afstand bedroeg 41,66 km. Het IVV-nummer was 11279. Er waren 368 deelnemers.
naar de top van deze pagina

Henri Floor & Coos Verburg