Vorig WS78 verslag Volgend WS78 verslag Terug naar de overzicht van alle WS78 wandeltochten Terug naar de homepage van Henri Floor Prachtige stadswandeling door Elburg met WS78 vanuit 't Harde

embleem WS78 Op zaterdag 1 oktober 1994 organiseerde WS78 een 40 km wandeltocht vanuit 't Harde (op de Veluwe). Voor treinreizigers zoals wij, was het een tippel van 1300 meter om de startplaats vanaf het station te bereiken. Het was hier al gezellig druk. Verschillende wandelaars hadden we voor het laatst in maart gezien toen de vorige WS78tocht voor het laatst werd georganiseerd. Op de avond voor deze tocht werden we nog door de blinde wandelaar Wil gebeld, of hij nog met ons kon meelopen. Zo begonnen we rond half tien met z'n drieën aan deze tocht. De start van deze tocht was vanuit het Gemeenschapshuis "het Poshuis". Door wat buitenwijken verlieten we 't Harde en liepen door bospassages langs buurtschap Bovenveen. We liepen hier door landgoed Zwaluwenburg. Eerst in het zuiden van dit landgoed dwaalden we door loof en naaldbossen, terwijl in het noorden meer cultuurgronden lagen. Dit landgoed is doorsneden en omgeven door houtwallen en lanen. We liepen nog vrij dicht langs Huize Schouwenburg en even later langs het 18e-eeuwse kasteel Zwaluwenburg. Het kasteel is in 1728 gebouwd. Vooral de ingangspartij, in Lodewijk XIV-stijl en boven de toegangsdeur het fraaie familiewapen, was een lust voor het oog.
Hollanderbroek verbasterde tot Oldebroek
Verder liepen we naar het agrarische dorp Oldebroek. Het was van oorsprong een drassige boel rond Oldebroek. In de middeleeuwen moesten er zelfs Hollanders aan te pas komen om het land te ontginnen. De naam Hollanderbroek verbasterde later tot Oldebroek. Op 10 km was de soeppost. Na een bekertje champignonnensoep genuttigd te hebben, vervolgden we onze tocht. We liepen door het centrum van Oldebroek en kwamen langs de Nederlands Hervormde Sint-Lambertuskerk met een toren uit de 14e eeuw. Over een kerkpad verlieten we Oldebroek door de Polder Oldebroek met een veen- of broeklandschap. Ten westen van het plaatsje Oosterwolde kwamen we uit op landgoed Morren. De naam "Morren" is ontleend aan een eigenaar, welke omstreeks 1680 het landgoed bewoonde. Hij heette Mor(ren) Augustijnsen. De meeste eigenaren gebruikten Morren slechts als zomer- en jachtverblijf. Maar op 16 juli 1771 kreeg Jan Rutger van Oldenbarneveldt het in bezit. Na zijn dood in 1798 vestigde zijn zoon Anthony Raedt van Oldenbarnevelt zich op Morren. In 1832 liet hij op het landgoed een grafkelder aanleggen. Hier kwamen we even later ook langs met de wandeling. boerderij te Oldebroek Op de grafkelder stond een doodskop afgebeeld met de tekst: GRAFKELDER, voor de Familie Raedt en Raedt van Oldenbarnevelt; gesticht door Mr. Antoni Raedt op Deszelfs Landgoed Morren, in Mei MDCCCXXXII. De tekst werd afgesloten met "Hic Defunctorum Molliter Ossa Cubent" hetgeen "Moge het gebeente van de doden hier zacht rusten" betekent. Nog geen jaar later werd Antoni hier begraven.
Op 19 km werd de grote rust bereikt in het gemeenschapshuis 't Huiken te Elburg. wapen van Elburg Vanuit het nieuwe Elburg liepen we naar het oude Elburg.
Arent Thoe Boecop architect van Elburg
Elburg is een rechthoek, 350 meter lang en 250 meter breed. De Jufferenstraat en de Beekstraat verdelen het in vier gelijke stukken, die ieder op hun beurt weer door een rechthoekig stratenpatroon zijn opgedeeld. Er is slechts één straat met een bocht; die heet dan ook de Kromme Steeg. De architect en uitvoerder van dit stadsplan was Arent Thoe Boecop, rentmeester van de Veluwe. Elburg, een belangrijke Hanzestad, lag vroeger dichter bij de zee. In 1367 was er echter een grote watervloed, die zoveel grond wegsloeg dat de zee een bedreiging ging vormen. Daarom kreeg Arent Thoe Boecop de volgende opdracht van Hertog Willem I: "Wij willen dat gij onse stat versetten sullen op een andere stede". Tussen 1392 en 1396 vond de verplaatsing van de stad plaats. Het was een ambitieus plan, waarbij de hele bevolking inclusief die van de omliggende buurtschappen Oldebroek en Doornspijk moet hebben meegeholpen.
Bij het infobulletin waren 4 bladzijden ingeruimd voor informatie over deze tocht en die informatie ging voor een belangrijk deel over de stad Elburg. Zo kwamen we in Elburg achtereenvolgens langs:
- een Joodse begraafplaats
- het Feitenhof, een tehuis waar bejaarden worden verzorgd. In 1733 bepaalde Maria Catharina Feith, weduwe van Gerrit, baron Witten, burgemeester van Elburg, dat een groot deel van haar nalatenschap aangewend moest worden voor het stichten van een "godshuis" voor de arme bejaarden van Elburg.
- de Sint Nicolaaskerk. Deze kerk is aan het einde van de 14e eeuw gebouwd in Nederrijnse gotiek bouwstijl. Het is een pseudo-basiliek
- het Arent Thoe Boecophuis. In 1393 werd het gebouwd als verblijf voor de hertog van Gelre. Na de verkoop is het tot 1954 het raadhuis van Elburg geweest
- het eerste Agnietenklooster dat uit 1420 stamt
- de Groene Kruidhof. Het voorste gedeelte van deze historische kruidentuin is een apothekerstuin, het achterste gedeelte is een kruidentuin.
- de oudste nog in werking zijnde touwbaan in Nederland. In het gebouwtje staan de machines waarmee touwstrengen in elkaar worden gedraaid. Dit wordt "touwslaan" genoemd en het geheel heet "lijnbaan".
- de Vischpoort
Oude zeedijk met hindernissen
We verlieten Elburg over het Bagijnendijkje met zijn karakteristieke theekoepeltjes. Over een oude gras-zeedijk, die we bereikten door over een hek te klimmen, liepen we een eind evenwijdig aan de voormalige Zuiderzee, nu Veluwemeer geheten. Op deze dijk waren meerdere overstapjes gemaakt. Verschillende waren ook afgezet met schrikdraad. En onze blinde metgezel Wil had het daar knap moeilijk mee. Hij kwam ook een keer in aanraking met zo'n schrikdraad. En hij schrok ook flink. Deze zeedijk was de eeuwenoude weg naar Doornspijk. We kwamen op de plaats waar vroeger de oude kerk van Doornspijk heeft gestaan. Dit is weergegeven door alleen de funderingen. Nu volgde een leuk oud kerkpad. Eerst liepen we door een klaphek om vervolgens een lange grasdijk te volgen. Daarbij kwamen we nog langs een oude kolk, een herinnering aan een oude dijkdoorbraak. Aan het eind van de kerkdijk bereikten we Doornspijk. Praktisch midden in het dorp Doorspijk sloegen we een bosweg in. Deze weg liep langs Huize Klarenbeek gelegen op landgoed Klarenbeek. Het bijzondere aan dit in 1862 gebouwde huis, is dat de voorkant naar het park is gericht en dat je vanaf de straatkant tegen de achtergevel van het huis aankijkt. Na het verlaten van dit 20 ha grote landgoed liepen we over de Bovenweg naar de koffiepost op 29. De Bovenweg is een oude Hanzeweg van het traject Harderwijk - Hattem.
De Floriade van 't Harde
Een eind verderop bereikten we de "zandwoestijn" De Zoom. Zo moeten in de 17e eeuw grote delen van de Veluwe er uit hebben gezien. De dreiging van het verdwijnen van dorpen onder het zand, leidde rond 1650 tot het aanstellen van een zandgraaf, die belast was met de beteugeling van het stuifzand. Op 37 km was de fruitpost in 't Harde. De eigenaar had een grote zeer mooie botanische tuin aangelegd. De man noemde deze tuin dan ook heel terecht "De Floriade van 't Harde". We dwaalden hier gauw een kwartier in rond. Daarna was het nog een 3 km door de bossen naar de finish. Aangezien de finish aan de bosrand lag, stond je al bij de finish voordat je er haast erg in had. En we liepen bijna voorbij de finish. Dat kwam omdat er bijna niemand meer was. Het was ook al kwart voor zes. Onderweg hadden we nog veel paddestoelen gezien.
naar de top van deze pagina

Henri Floor & Coos Verburg