|
|
|
|
|
|
|
De Grebbe Heuvelrug tocht van WS78 vanuit Rhenen |
De Laarsenberg heeft iets bijzonders te bieden, namelijk graften. Graften zijn begroeide steilrandjes die een helling verdelen in terrassen. Ze zijn aangelegd om erosie tegen te gaan. Boeren legden vroeger in de lengte-richting van de helling takkenbossen neer of legden een lage zandwal aan. Bij stortbuien spoelden anders de kostbare bouwlandgrond de helling af. Op den duur ontstond een terras met een steilrand, de graft, die vaak begroeid was met struiken en bomen. Graften kennen we in Nederland vrijwel uitsluitend van Zuid-Limburg. De graften op de Laarsenberg zijn uniek voor de provincie Utrecht en stammen vermoedelijk al uit de Middeleeuwen.
We kregen spoedig ons eerste vergezicht. Dat was op de plaats Achterberg, dat ook gemeente Rhenen is. Verder dwaalden we door het Laarsenbos en kwamen achter Ouwehands Dierenpark uit. We hoorden later van andere wandelaars dat ze beren hadden gezien. We staken de provinciale weg N225 (Wageningen-Rhenen) over bij de Erebegraafplaats. Verkeersregelaars zorgden voor een veilige oversteek.
Op de Grebbeberg ligt de erebegraafplaats die herinnert aan de zware strijd die is geleverd tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ieder jaar op 4 mei vindt hier de Dodenherdenking plaats.
Daarop werd het beschermde natuurgebied Grebbeberg bereikt. Heel fraai waren hier de diepe ravijnen. We haalden een wandelaar in die we normaliter niet inhalen. Het bleek dat de wandelaar herstellende was van een hernia en toch de sfeer van een WS78 wandeltocht wilden proeven. Hij zou de tocht bij de soeppost verlaten.
Nabij een oude ruïne van een huis daalden we over een steile trap af naar het fietspad, dat onder langs de Grebbeberg loopt. Deze trap deed ons denken aan de steile trap tijdens de heuvelland-vierdaagse en die wat ons betreft uit het parkoers gehaald had mogen worden.
Verderop was een oude begraafplaats. We zagen hier een informatiebord over het klompenpad Cotlandenpad.
De naam van het Cotlandenpad komt van een verkavelingeenheid die in het gebied voorkwam: de zogenaamde cotlanden of collanden. Het ging om een kleinere verkavelingeenheid dan gebruikelijk was, maar de grootte is niet precies uit te drukken. Mensen die eigenlijk geen recht op grond hadden, de onvrijen, kregen een klein stuk woeste grond om te ontginnen. Deze mensen woonden in een kot of kote en werden keuters of kotters genoemd
Opnieuw liepen we over een pad langs de Amerongse Bovenpolder. Ditmaal met uitzicht op Amerongen. Halverwege dit pad, dat in de richting van kasteel Amerongen liep, lag aan onze linkerhand een vijver in de vorm van een halve maan sikkel. Deze vijver was omzoomd met bomen. Dit fraaie pad namen wij in onze wandeling mee. Achterop komende wandelaars raakten hierdoor in verwarring en vroegen zich af of ze een pijl hadden gemist, want het pad langs de vijvers zat niet in de officiële route.
Aan de Veenendaalse kant werd de rand van het bosgebied bereikt nabij de Cunera Hoeve. We troffen hier de voorzitter, die bezig was om zijn auto schoon te maken. Met name de matten werden uitgeklopt. Navraag leerde ons dat hij kort tevoren een paar uitvallers naar de finish had gebracht. En dat die wandelaars, voordat ze in de auto stapten, niet hun voeten hadden geveegd. We volgden nu een asfaltweg tot voorbij kasteel Prattenburg. Dit kasteel liet zich moeilijk fotograferen, maar we hebben wel een poging daartoe gedaan. Daarna dwaalden we via parkoerswijzigingen door het Prattenburgse bos
Het dagrecreatieterrein Kwintelooijen ligt in de driehoek Rhenen - Veenendaal – Elst. Kwintelooijen ligt ingesloten tussen drie particuliere landgoederen: Prattenburg, de Dikkenberg en Remmerstein. Daaraan grenzend liggen de Stadsbossen van Rhenen en de Plantage Willem III, van Stichting Het Utrechts Landschap. Het gehele gebied strekt zich uit van de noordoever van de Rijn tot de Gelderse Vallei. Karakteristiek in het gebied zijn de diepe erosiedalen, de prehistorische grafheuvels, wallen, beukenlanen en de overgangen tussen heuvelrug en valleien. Opvallend is het grote hoogteverschil van vijftig meter op Kwintelooijen; van zeer nat (ven en moeras) naar droog (heidevelden).
Vanaf de hoogste delen van Kwintelooyen hadden we fraaie panorama’s op Veenendaal en eenmaal ook op een hoge flat te Wageningen. Door het Remmersteinse Bos liepen we naar bungalowcentrum De Thijmse Berg. Hier was op de parkeerplaats nog de fruitpost gesitueerd, waar we een banaan of naar keuze een appel kregen. Langs de Bergweg stonden zeer dure landhuizen. Hier hadden we nog fraaie panorama’s op het buitengebied van Rhenen. Na 8 ½ uur werd de finish bereikt.
Henri Floor |