|
|
|
|
|
|
|
|
De WS78 Biesboschtocht vanuit Dordrecht. |
We kwamen uit bij de N3-verkeersweg. Even later liepen we hier onderdoor. Opnieuw liepen we langs het kanaal Wantij. We zagen hier een wijk waarvan de huizen grotendeels bedekt waren met gras. We kwamen langs een soort monument, een natuursteen die met twee kettingen verbonden waren met een platte steen die veel op flagstones leken. Daarna kwamen we langs een oud sluishuis. We passeerden een grote ophaalspoorbrug, een brug over de Wantij.
De Hollandse Biesbosch maakt deel uit van het Nationaal Park de Biesbosch, dat ligt op de grens van de provincie Noord-Brabant en Zuid-Holland. De Biesbosch is een waterrijk gebied. Bovendien is de Biesbosch een van de grootste waardevolle natuurgebieden van Nederland, en een van de weinige nog bestaande zoetwatergetijden gebieden in Europa. In november 1421 is het ontstaan. De grote of Zuid Hollandse Waard werd toen compleet overstroomd door zowel de Noordzee als de Maas. Deze gebeurtenis wordt ook wel de Sint Elisabethsvloed genoemd. Van de ene op de andere dag ontstond een uitgestrekte binnenzee. Dit veranderde na verloop van tijd in een zoetwatergetijdengebied. Het rivierwater bevatte zand en slib dat naar de bodem zakte en hoge zandplaten vormde. Snel raakten de hoogste platen begroeid met biezen, later ook met riet. Toen de platen zo hoog waren dat ze nog maar enkele uren per dag onder water stonden, begonnen er ook wilgen te groeien. Aan de vele biezen in het gebied heeft de Biesbosch haar naam ontleend.
Een paar honderd meter na de pont moesten we ons door een klaphekje wurmen. De pont had er voor gezorgd dat we nu met een groot aantal wandelaars bij elkaar naar dat klaphekje toeliepen. Hierdoor was er filevorming en vertraging. Nadat alle wandelaars voor ons door het hekje waren gegaan liepen wij er ook door. We liepen nu over een dijk waarbij we de Boven Spieringpolder aan onze rechterhand hadden en de Nieuwe Merwede aan onze linkerhand. Door het vrij zonnige weer namen we onderweg talrijke foto’s. Het riet langs de Nieuwe Merwede zorgde voor talrijke fraaie kleurschakeringen.
Voor de Koning Willem II hoeve sloegen we af en liepen nu langs de Polder Maltha die grotendeels onder water stond. Voor een vogelhut liep het parkoers naar links, maar wij liepen naar de vogelhut toe en zagen in de vogelhut drie mannen, die gewapend waren met grote telelenzen op hun fototoestellen. We hoorden de mannen de namen van de dieren noemen, die ze zagen. Langs het Gat van de Noorderklip en het Gat van Van Kampen vervolgden we ons pad langs Polder Maltha. Na deze polder van bijna alle kanten te hebben gezien kwamen we bij het Biesboschmuseum, waar een standbeeld voor de hoofdingang stond. Vervolgens kwamen bij we de Werkhaven behorend bij het waterwinbedrijf Brabantse Biesbosch. Vervolgens liepen we op korte afstand langs het Gat van den Hardenhoek.
Het Biesboschmuseum belicht voor jong en oud de rijke cultuurhistorie van het Nationaal Park. De aanplant van biezen, riet en wilgenhout en de verwerking door hoepelmakers, manden- en rietmattenvlechters staan hier centraal. Daarnaast is er aandacht voor visserij, jacht en stroperij en de belangrijke rol van de Biesbosch als vluchtroute tijdens de Tweede Wereldoorlog. Een boeiende diavoorstelling geeft de ontwikkeling van de Biesbosch vanaf de St Elisabethsvloed in 1421 tot heden weer. In een nagebouwde beverburcht maakt u het leven van de bever van dichtbij mee. In het paludarium (Palustris is Latijns en betekent moerassig) van het museum bevindt zich een geprepareerde steur van een meter. In de twee aquaria zwemmen onder meer levende steuren, meervallen, spiegelkarpers, en snoekbaarzen. Het complex is vrij toegankelijk. Aan de balie van het museum is een routebeschrijving verkrijgbaar.
We passeerden een bordje van Nationaal Park Biesbosch en doorkruisten daarop de fraaie Wilgentuin. Deze wordt omzoomd door het Gat van Lijnoorden en het Gat van den Kleinen Hil. Aan het begin van de Wilgentuin staat een bordje van Staatsbosbeheer, waarop melding wordt gemaakt dat de Wilgentuin wordt onderhouden door vrijwilligers. We moesten toen meteen denken aan een collega op het werk die tot die groep van vrijwilligers behoort.
Maar deze wandelaars hebben een heel mooi traject gemist. We liepen namelijk door talrijke wegen en paden omzoomd door knotwilgen. Vele knotwilgen waren recentelijk geknot. Talrijke wilgentakken lagen langs de kant opgestapeld en vastgebonden. We kwamen langs meerdere kleine zandstrandjes, over bruggetjes of vlonders of wat daar voor door ging. Eenmaal moesten we een oude scheve vlonderbrug oversteken waar enige gaten in zaten.
|
| Henri Floor & Coos Verburg |