Terug naar wandellinks Terug naar de alternatieve homepage van de FLAL FLAL wandeltocht vanuit Schagen op 7 januari 2006


datum 7 januari 2006 plaats Schagen
provincie Noord-Holland gemeente Schagen
afstanden 25 en 35 km naam wandeltocht Het Oude Slot wandeltocht
starttijd 9.00 uur postcode start: 1741 ZP
startadres Sporthal Groeneweg, Wilgenlaan 1A, Schagen.
openbaar vervoer 15 minuten lopen vanaf NS-Schagen
route historie omgeving nabeschouwing verslag
naar de top van deze pagina















Het Oude Slot wandeltocht op 7 januari 2006, route-informatie: (bron: www.flal.nl)

Deze wandeltocht is op 7 januari 2006 vanuit Schagen.Dit stadje ligt centraal in de prachtige kop van Noord Holland en heeft ruim 17.000 inwoners. Het Oude Slot ligt midden in het karakteristieke centrum en alle wandelaars komen hier uiteraard langs.
Vanuit sporthal Groenweg gaat de route via een parkje Schagen uit.Later steken we het Kanaal Schagen-Kolhorn over en gaan via de oude Westfriese Omringdijk naar de buurtschap Keinse. Direct links aan de route staat de mooie Mariakapel waar u beslist even moet binnengaan. Volgens overlevering is op deze plaats in 1510 hier een mariabeeldje aangespoeld van een op de kust vergaan Portugees schip waar het als boegbeeld zou hebben gefungeerd.
Later steken we het Kanaal Stolpen-Schagen over en wandelen over een grasdijk naar het Noordhollands Kanaal en steken deze over. We komen nu door het plaatsje Stolpen waar de route’s zich splitsen. De 25 km wandelaars gaan later via een mooi bosgebied richting Sint Maartensvlotbrug waar de beide routes weer samenlopen.
De 35 km wandelaars gaan verder dan Stolpen en na de wagenrust gaan zij door natuurgebied Zwanenwater en Pettemerduinen en ook een stukje langs het strand. Na het strand gaan we via Sint Maartenszee en samen met de 25 km wandelaars via Sint Maartensvlotbrug naar Sint Maartensbrug voor de rust. Na de rust gaan we verder via Sint Maarten. Vanaf hier gaan de 25 km wandelaars terug naar de rand van Schagen.
De 35 km wandelaars maken nog een lus via Sint Maarten en ook door het mooie Valkkoog en door buurtschap Tjallewal naar de rand van Schagen. Vanaf hier gaan beide afstanden via een fietstunnel naar de binnenstad. Let eens op de mooie oude gevels aan de linkerkant van de Loet.
Even later komen we bij Het Oude Slot. In 1440 bouwde Willem van Beieren dit 4 hoekige slot met ronde bakstenen hoektorens. In 1 van de torens is nu een klein oorlogsmuseum gevestigd. Deze torens,nu gelegen aan de rand van een omgracht pleintje dat in grote trekken het grondplan van het voormalig kasteel vormt. In het opnieuw opgebouwde hoofdgebouw is nu o.a. het VVV kantoor gevestigd.
Na Het Oude Slot gaan we verder door de binnenstad en via het Piet Monriaanpark terug naar sporthal Groenweg. Wij hopen dat u van de routes heeft genoten.
De parkoersbouwers Gerrit Walet en Nico van Etten
naar de top van deze pagina





























naar de top van deze pagina
Het Oude Slot wandeltocht op 7 januari 2006, historie omgeving:

Schagen is een oude plaats. Vóór het jaar 989 wordt zij reeds vermeld. In oude, schriftelijk bewaard gebleven bronnen staat vermeld dat zes hoeven, gelegen te "Scagha", aan de abdij te Egmond worden overgemaakt. We mogen dus veronderstellen dat Schagen vanaf de tiende eeuw permanent bewoond is geweest.
Het aantal woonheuvels (terpen), dat in en om Schagen, in verhouding tot die in de omgeving, het belangrijkst zijn, wijst in die richting.
Over de ontwikkeling van Schagen vanaf die tijd is niet veel bekend. De naam Schagen - die oorspronkelijk "Scagha" was - zou de betekenis hebben van "vooruitstekende punt of landtong".
De ontwikkeling van Schagen tot een centrale plaats voor de omgeving dateert uit het midden van de 15e eeuw. De steeds verbeterende waterstaatkundige toestand maakte de ontwikkeling van landbouw en veeteelt in het gebied mogelijk.
In 1415 werd Schagen stadsrecht verleend door graaf Willem de Zesde, en in 1427 werd Schagen door Filips de Tweede geschonken aan Willem, bastaardzoon van Albrecht van Beieren, graaf van Holland, en Maria van Bronckhorst. Vanaf die datum werd Schagen een "heerlijkheid". Dat wil zeggen dat Willem de "Heer" was; hij had het voor het zeggen. Deze Willem liet een slot bouwen waar hij zich in 1440 vestigde. Evenzo kwam onder zijn bewind in 1460 een grote kerk gereed. De kerk was gewijd aan St. Christoforus. Willem de bastaard verleende in 1463 aan Schagen het recht tot het houden van een veekmarkt op alle donderdagen, terwijl de Staten van Holland in 1603 aan Schagen toestemming verleende tot het houden van een jaarlijkse paardenmarkt, die ieder jaar op 17 juni moest worden gehouden als die datum op een maandag viel, en anders de maandag na genoemde datum.
Met een korte onderbreking, nl. van 1658 - 1676, toen George van Cats de heerlijkheid had gekocht, behoren van 1427 tot 1706 de heren en vrouwen van Schagen tot het Beierse huis. Zij noemden zich "van Beieren van Schagen". Na de dood van Diederick Thomas van Beieren van Schagen, die ongehuwd in 1706 gestorven was, volgde zijn zuster, die gehuwd was met François Paul Emil, Graaf van Oultremont en Han, hem op. Vanaf genoemd jaar tot 6 maart 1795 is de heerlijkheid in handen gebleven van de graven Oultremont. Zij behielden ook daarna nog enige rechten zoals het vis- en tiendrecht, dat later werd verkocht aan de Banne en Polder Schagen.
De vroedschap vormde het bestuur van de stad. Dit bestuurlijk college bestond uit twee raden, later geheten burgemeesters en schepenen. Deze mannen behoorden tot de welgestelden en werden aangewezen door de schout die zelf weer door de Heer van Schagen werd benoemd.
Toen Schagen in 1463 zijn marktrecht kreeg, ging de handel een rol van betekenis spelen. Het terrein rond de kerk op het Marktplein leende zich uitstekend voor het houden van een markt. De wekelijkse veemarkt op donderdag ontwikkelde zich tot een begrip in Noord-Holland. Hoewel Schagen in de Gouden Eeuw geen bijzondere bloei doormaakte, zoals bijvoorbeeld Hoorn en Enkhuizen, profiteerde het toch van de toegenomen welvaart; waarbij handel en veeteelt een belangrijke rol speelde.
De Bataafse Replubliek en het Franse bestuur zorgden niet voor een stimulans van het sociaal-economisch leven in Schagen. Pas in de tweede helft van de negentiende eeuw, mede veroorzaakt door omliggende inpolderingen, vergrootte het zijn verzorgingsgebied, dat toen al, vooral dankzij de veemarkt, een belangrijke functie had.
Een nieuwe impuls kwam aan het eind van de 19e eeuw met de industriële revolutie. In 1865, met de aanleg van de spoorlijn van Alkmaar naar Den Helder, werd de mogelijkheid geschapen voor een groter afzetgebied van de ambtelijke nijverheid.
Na de oorlog, in 1945, werd de situatie gekenmerkt door een teruggang in de agrarische werkgelegenheid en een stagnatie in de industriële ontwikkeling. In Schagen, dat door zijn verzorgende functie minder werd getroffen dan de geheel agrarische gemeenten, trad omstreeks 1960 een kentering in en er brak weer een periode aan van geleidelijke bloei.
Rond de zeventiger jaren was de Kop van Noord-Holland stimuleringsgebied waarbij de ontwikkeling van Schagen eveneens bijzondere aandacht heeft gekregen. Regionaal heeft Schagen een centrale ligging met ruimtelijk alle mogelijkheden voor een harmonische uitbreiding rondom de bestaande kern. De groei van het stedelijk gebied verloopt in fasen. Via vestigingen van verzorgende diensten en bedrijven is een stuwende ontwikkeling op gang gekomen. Demografisch maakte Schagen een behoorlijke groei door. Bij de volkstelling in 975 telde Schagen 43 zielen, in 1851 waren dit er 2.060. In 1900 telde Schagen 2.583 inwoners, in 1950 was dit aantal gegroeid tot 4.757. Thans heeft Schagen 17.176 inwoners.

Het slot van Schagen.
De beheerders/eigenaars van het Slot van Schagen:

Willem (de bastaard) van Holland (1440).
Albrecht van Schagen (1473)
Josina van Schagen (1480)
Jan van Schagen (1542)
Willem van Schagen (-1548)
Johan heer van Schagen (-1618)
Albrecht van Schagen (1618)
Willem van Schagen (1638)
George van Cats (1658).
Floris Carel van Beijeren graaf van Warfusé (1676).
Dirk Thomas van Beieren (-1706).
Jan Frans Paul Emil, comte d'Outremont et Han sur Lesse (1706).


Over de stichting van het Slot van Schagen constateer ik een aantal tegenstrijdigheden. In elk geval, is hertog Albrecht van Beieren hierbij betrokken. Albrecht had drie wettige zonen (waarvan één hertog Willem VI was) en zeven bastaard zonen.
Eén van deze bastaardzonen was Willem de Bastaard van Holland. Deze man had veel aanzien en verkreeg van Albrecht in 1427 de heerlijkheid van Schagen. Jacoba van Beieren zette dit bezit in 1430 om in een erfleen.
Kransberg en Mils melden dat het kasteel in 1394 door Willem de Bastaard is gesticht. In ca. 1440 zou hij zijn huis verbouwd en uitgebreid hebben tot een omgrachte vierkante burcht.

Groesbeek schrijft, dat het kasteel in 1440 in opdracht van Willem de Bastaard werd gebouwd.

In een andere bron vinden wij dat het kasteel in 1427 werd bewoond door Willem de Bastaard. Een echt kasteel was het toen nog niet. Daar kwam verandering in nadat het huis na diverse verbouwingen pas in 1440 een kasteel kon worden genoemd.

Kortom het huis van Schagen is rond het einde van de 14e/ begin 15e eeuw gebouwd en later door de toenmalige heer van van de heerlijkheid Schagen: Willem de Bastaard van Holland uitgebreid tot een grotere burcht, zodat het vanaf 1440 een kasteel genoemd kon worden.
Zoals gezegd genoot Willem veel aanzien en bekleedde veel vooraanstaande functies. Ondanks al zijn drukke bezigheden ging hij tweemaal naar het Heilige Land, vanwaar hij twee marmeren zuilen meebracht, die in de schouw van de grote zaal in het kasteel te Schagen werden gemetseld.
Willem stierf in 1473 en werd in hetzelfde jaar opgevolgd door zijn zoon Albrecht van Schagen. Albrecht had een twijfelachtige reputatie omdat hij in zijn eigen kasteel belegerd werd. Omdat hij weigerde aan zijn eigen broers hun erfdeel uit te keren, werd er een uitspraak gedaan door het Hof van Holland. Dit vonnis werd door Albrecht genegeerd, waarop Philips van Wassenaar met een leger naar het Schager Slot trok. Het kasteel werd zonder slag of stoot ingenomen, waarna Albrecht gearresteerd werd en gevangen werd gezet in Gevangenpoort in 's Gravenhage, daarna werd zijn gevangenisstraf in Medemblik voortgezet totdat hij daar in 1480 stierf.
Gedurende vele generaties bleef het Slot Schagen in het bezit van het geslacht (van Beieren) van Schagen.
Na de dood van Albrecht in 1480 werd zijn dochter Josina beleend met de heerlijkheid van Schagen. Zij heeft een jaar voor haar dood in 1543, Schagen overgedragen aan haar neef Jan van Schagen. Jan stierf vrijwel direct na zijn belening, zodat Josina hem net overleefde.

Het Slot van Schagen als executieplaats.
De beweging van de protestantse Hervorming werd in West-Friesland o.a. geleid door Willem Wiggerz. uit Barsingerhorn. Hij werd in 1534 het Slot te Schagen opgesloten en werd na acht dagen op het voorplein "met het sweert gerecht en onthoofd". Een ander leider; Gerrit Claessen werd in 1534 in Amsterdam terechtgesteld.

Jan's zoon: Willem van Schagen erfde de heerlijkheid Schagen en het slot maar genoot niet lang van zijn bezit want ook hij stierf vroeg (1548)
Zowel Willem en zijn zoon Johan van Schagen kozen partij voor de Spaanse bezetters. Nadat de Spaanse vloot in 1573 tijdens de slag op de Zuiderzee (waaraan ook Johan meedeed) werd verslagen, werd het kasteel in Schagen bezet door Diederic van Sonoy: plaatsvervanger van Willem van Oranje) in de noordkop van Holland.
Bij de komst van Diederic van Sonoy in het Schager Slot brak er een bloedige episode aan in de geschiedenis van het kasteel. Sonoy had van de Staten van Holland opdracht gekregen om streng op te treden tegen uitingen van het katholieke geloof. Net zoals Alva hield hij er een waar schrikbewind op na. Eerst stelde hij een rechtbank in Alkmaar, die later gevestigd werd op het Slot van Schagen. Deze Noordhollandse 'Bloedraad' sleepte vele Westfriezen naar de martelkamer. Velen moesten hun katholieke geloof bekopen met de de dood. Na ingrijpen van Willem van Oranje werd hier een einde aan deze praktijken gemaakt. De prins benoemde een commissie van onderzoek, die de zaak voorlegde aan het Hof van Holland, die in een vonnis de nog in leven zijnde beklaagden vrijgesprak. Ook vanwege zijn wreedheid verloor Sonoy de steun van stadhouder Maurits en vertrok naar Engeland.
De sloteigenaar Johan van Schagen koos uiteindelijk partij voor Oranje en kreeg daarna een hoge functie bij de Staten van Holland. Hij stierf in 1618, waarna hij werd opgevolgd door zijn zoon Albrecht van Schagen, die op zijn beurt de heerlijkheid Schagen naliet aan zijn zoon Willem van Beieren van Schagen, die daarmee de laatste van de familie was, die Schagen bezat. Vanwege grote schulden was hij genoodzaakt om de heerlijkheid Schagen te verkopen. Deze verkoop vond plaats in Den Haag in 1658 voor een, destijds gigantisch, bedrag van f 263.000.
Willem van Schagen overleed twee jaar later in september 1660. De nieuwe eigenaar van het Slot te Schagen was George van Cats. Vanwege zijn huwelijk met Justina van Nassau had hij ooit de eer om prins Willem III en zijn gevolg op zijn kasteel te mogen ontvangen. George liet het kasteel min of meer verwaarlozen. Ook de stenen poorten werden afgebroken en vervangen door houten poorten.
Ten tijde van George Cats was het kasteel geheel omringd door een gracht, gelegen tussen boomgaarden en royaal aangelegde tuinen en beplante lanen. De voorburcht bevond zich aan de noordzijde.

In 1675 werd de heerlijkheid Schagen, inclusief het slot openbaar in Schagen geveild. De hoogste bieder was Pieter Cornelisz. Gortmolen die een bedrag wilde neertellen van f 57.000 . Toch ging de koop niet door, waarna, in 1676 opnieuw werd geveild in Den Haag. Voor het bedrag van f 170.000 werd een nazaat van de oorspronkelijke familie: Floris Carel van Beieren, graaf van Warfusé de nieuwe eigenaar.
Floris' zoon en opvolger Dirk Thomas sneuvelde in 1706. Zijn zuster Maria Isabellas was getrouwd met Jan Frans Paul Emil, comte d'Outremont et Han sur Lesse. Deze Jan Frans Paul Emil erfde de heerlijkheid Schagen en het kasteel. Omdat het echtpaar niet het Slot van Schagen bewoonden maar verblijf hielden in België, raakte het kasteel in verval.
Tijdens de inval van de Russen en Engelsen in 1799 had een deel van de troepen intrek genomen in het kasteel. Dit had tot gevolg dat het kasteel werd vernield. In 1820 werd het vernielde kasteel gesloopt. De marmeren zuilen uit de schouw, die ooit door Willem de Bastaard uit Afrika waren meegenomen werden gered en naar Brussel overgebracht. Andere (vierkante) zuilen werden in de kerk van Schagen bewaard. Nadat de graaf van Merode deze in 1821 opeiste, werden ook deze naar Brussel afgevoerd. Een stuk marmer van de schoorsteen, die door de Engelsen in elkaar was geslagen was in Schagen achtergebleven. Dit stuk marmer is echter verdwenen. Ook het archief verdween naar Brussel. Pas nadat de eigenaars er geen belangstelling meer voor hadden werd het aangekocht door het Rijksarchief in Noord-Holland.
In 1827 werden de restanten van het kasteel gesloopt. Dankzij het ingrijpen van de gemeente Schagen bleven de twee ronde hoektorens gespaard. De westelijke toren werd (tot zelfs in de eerste wereldoorlog) in gebruik genomen als passanten-gevangenis , terwijl de oostelijke toren werd verbouwd als cipierswoning. Cornelis Bok (1777-1836) was omstreeks 1830 cipier in de passanten-gevangenis en woonde in de oostelijke slottoren. Hij heeft als schilder en tekenaar veel in Schagen en omgeving getekend.
Op het kasteelterrein werd een begraafplaats aangelegd en op het voorplein een kolfbaan. De beide torens zijn in 1931 gerestaureerd. Ze zijn beide voorzien van een rondboogfries en zijn voorzien van spitsen met leien gedekt.

In de negentiger jaren van de vorige eeuw is het plan geopperd tot de herbouw van het Slot Schagen. De burgemeester van Schagen, J. van de Langenberg heeft bij deze plannen een voortrekkersrol vervuld. Deze herbouw betekent geen complete restauratie van het oorspronkelijke kasteel, wel zal het oorspronkelijke uiterlijk tot basis dienen. Architect Wil Schagen, uit Nieuwe Niedorp, heeft op verzoek van de Initiatiefgroep 'Slot Schagen' een ontwerp gemaakt met een verwijzing naar het verleden. Hierbij is gebruik gemaakt van een neostijl, die bewust verwijst naar de gotiek en een robuust materiaalgebruik. Bij het geheel worden beide oorspronkelijke hoektorens in het geheel geïntegreerd.
Naast de Gemeente Schagen werd dit project mede gefinancieerd door de Provincie Noord-Holland, het Economisch Stimuleringsprogramma Kop & Munt, alsmede met fondsen en bijdragen. Het doel van dit project bestond uit de reconstructie van het voorplein en de slotgracht en het opnieuw optrekken van het slotgebouw.
Overigens werden er veel bezwaren geuit, vooral door oudere Schagenaars. Het voornaamste punt van kritiek was, dat het voorgestelde bouwplan geen recht deed aan de historie van het kasteel. Veel mensen wensten dan ook dat het kasteel in oorspronkelijke glorie zou worden herbouwd.

In 2001 is een begin gemaakt met de bouwactiviteiten. Gedurende de beginfase hiervan zijn op het slotterrein door oudheidkundigen van de Archeologisch Diensten Centrum (ADC) uit Bunschoten opgravingen verricht. Talloze scherven van gebruiksvoorwerpen en serviesgoed uit de 17e werden gevonden. Men ontdekte ook dat de slotgracht zich zeker tot twee meter onder de huidige Torenstraat uitstrekte. Daar zijn nóg oudere scherven gevonden, maar ook sporen van riet en beschoeiing.
Naast deze vondsten zijn in 2002 ook de funderingen van de brugpijlers van de kolossale boogbrug gevonden, alsmede een oude kademuur en een keldertje onder de oostelijke hoektoren.

De realisatie heeft uiteindelijk in september 2002 plaatsgevonden. Slot Schagen werd op 5 september 2002 officieel geopend door de Commissaris van de Koningin van Noord-Holland de heer mr. H.C.J.L. Borghouts.

In het slotgebouw is plaats voor publiekstoegankelijke ruimten, het VVV-kantoor, alsmede 15 hotel-appartementen.

naar de top van deze pagina





























Het Oude Slot wandeltocht op 7 januari 2006, nabeschouwing:

s Morgens om 09.00 uur vertrokken 365 wandelaars, met redelijk goedt wandelweer het woei stevig.. Van de 365 wandelaars liepen er 300 tegen administratie kosten, 9 voor een beker, 9 hadden zich ingeschreven voor een schildje, 18 voor een wandbord en 29 wandelaars namen een medaille mee naar huis. 187 personen namen deel aan de 25 km en 177 aan de 35 km, 1 wandelaar gaf na 15 km de tocht op.
naar de top van deze pagina





























Het Oude Slot wandeltocht op 7 januari 2006, verslag:

Henk van Peski schreef:

HET OUDE SLOT’-WANDELTOCHT, wsv FLAL
SCHAGEN (NH)
Zaterdag 14 januari 2006 35 km
Zo nu en dan laten de Friese Lange Afstandlopers zien, dat West-Friesland weliswaar een Friese buitenplaats is, dat door er zo nu en dan een wandeling te organiseren, toch tot het Grootfriese wandelrijk behoort. Ditmaal is Schagen aan de beurt om de FLAL-wandelbelangen te verdedigen. En met redelijk succes, een flink aantal Friezen, Groningers en Drentenaren staken de 32 kilometer Afsluitdijk met hun automobiel over om te getuigen, dat West-Friesland ook tot het FLAL- territorium behoort. Het was natuurlijk eleganter geweest om de route vanuit Noord-Oost-Nederland naar Schagen te voet af te leggen, maar zelfs het meest fanatieke FLAL-lid had er geen enkel bezwaar tegen een dergelijke afstand gemotoriseerd af te leggen. Was het wellicht te koud en was er niet genoeg antivries in de vorm van Berenburg voorhanden of was het domweg te ver? Misschien moet er bij de komende jaarvergadering toch weer eens over ‘normen en waarden’ gesproken worden!
Schagen Schagen is een oude plaats. Volgens oude overleveringen zou Schagen reeds in het jaar 334 gebouwd geweest zijn, doch dit is onwaarschijnlijk. Maar vóór het jaar 989 duikt de plaats al in teksten op. Oude, schriftelijk bewaard gebleven bronnen maken melding dat zes hoeven, gelegen te ‘Scagha’, aan de abdij te Egmond worden overgemaakt. We mogen dus veronderstellen dat Schagen vanaf de tiende eeuw permanent bewoond is geweest. Het aantal woonheuvels (terpen), dat in en om Schagen, in verhouding tot die in de omgeving, het belangrijkst zijn, wijst in die richting. Over de ontwikkeling van Schagen vanaf die tijd is niet veel bekend. De naam ‘Scagha’ zou de betekenis hebben van ‘vooruitstekende punt of landtong’. De ontwikkeling van Schagen tot een centrale plaats voor de omgeving dateert uit het midden van de 15e eeuw. De steeds verbeterende waterstaatkundige toestand maakte de ontwikkeling van landbouw en veeteelt in het gebied mogelijk. In 1415 werd Schagen door Willem VI, graaf van Holland, ‘met het poortregt of stadsgeregtigheden begiftigd’ . In 1427 schonk Filips II Schagen aan Willem, natuurlijke zoon van Albrecht van Beijeren, graaf van Holland, verwekt bij Maria van Broncehorst. Vanaf die datum was Schagen een ‘heerlijkheid’. Deze Willem de Bastaard van Holland liet een slot bouwen waar hij zich in 1440 vestigde. Evenzo kwam onder zijn bewind in 1460 een grote kerk gereed, gewijd aan St. Christoforus. Met een korte onderbreking, namelijk van 1658 - 1676, toen George van Cats, Heer van de Coulster, de heerlijkheid had gekocht, behoren van 1427 tot 1706 de heren en vrouwen van Schagen tot het Beierse huis. Na de dood van Diederick Thomas van Beijeren, die in 1706 in de veldslag bij Ramelies (België) gesneuveld was, volgde zijn zuster, die gehuwd was met François Paul Emil, Graaf d’Oultremont en Han, hem op. Vanaf genoemd jaar tot 6 maart 1795 is de heerlijkheid in handen gebleven van de graven d’Oultremont. Zij behielden ook daarna nog enige rechten zoals het vis- en tiendrecht, dat later werd verkocht aan de Banne en Polder Schagen.
Met recht kan men zeggen, dat Schagen een bewogen geschiedenis gehad heeft, zo verschillend van de ontwikkelingen in de laatste eeuwen, waarin het een dommelend bestaan heeft gekend. En ook nu is Schagen met zijn 17 duizend inwoners beter bekend bij onze kuilengravende en zandkastelen bouwende oosterburen dan bij de Nederlanders.
Tongval Ook moet gezegd worden, dat we bij het bestellen van koffie en andere zaken hier in West-Friesland ons goed met onze Nederlandse taal verstaanbaar konden maken. Dit moet in het verleden wel wat moeilijker geweest zijn, getuige de Gelijkenis van de Verloren Zoon in het dialect van Schagen: “D'r was 'r 's 'n vader en die had twee zeuns, die lang niet het zellevende van aard wazze. De ouste die was wel 'n gnappe jongen, maar d' aar wou niks deuge. Iens zeid' i teugen z'n vader: weet je wa' 'k docht hep? Je moste m'n m'n erref porsie maar geve, da' 'k te goed bin, den zel 'k m'n kans wel verzien. De ouwe man, die hat ze maar zat, maar i hat 'r toch niet erg veul bestek op om dat te doen, want i docht wel dat 't den heelekendal skeef mit 'm uitpakke zou; maar de jongen die zanikte maar vort en hiel al maar an en op 't lest begon i zoo op z'n poot te speulen dat i 't niet langer keere kon en 't gezeur loof worde ok. Hij gong er den maar toe over om 'm z'n porsie te geven, deer i anspraak op had. …”.
De wandeling Vanuit Sporthal Groenweg gaat de route via een parkje Schagen uit. We steken het Kanaal Schagen-Kolhorn over en gaan via de oude Westfriese Omringdijk naar de buurtschap Keinse. Hier spoelde omstreeks 1510 spoelde een houten Mariabeeld aan, volgens een overlevering afkomstig van de voorsteven van het Portugese schip ‘Ariadne’, waarvan het na schipbreuk los zou zijn geraakt. Er werd een kapelletje gebouwd, maar zowel het beeldje als het kapelletje zijn waarschijnlijk verloren gegaan bij de overgang naar de reformatie. In 1956 is op de oude plaats een nieuw Mariakapelletje ingewijd. We wandelen door de Kop van Noord-Holland, een streek die een roerige geschiedenis van veldslagen, inpolderingen en dijkdoorbraken kent. In 1597 werd de polder Zijpe door 1000 paarden en 3000 mannen op de zee veroverd. Dat ging niet zonder slag of stoot: drie dijkdoorbraken hadden het werk al 50 jaar vertraagd. De vruchtbare polderklei zorgde voor welvaart. Rond 1920 ontdekte men bovendien hoe lucratief de bollenteelt was. Via het plaatsje Stolpen lopen we naar de natuurgebieden Zwanenwater en Pettemer Duinen, waar we ‘duinrellen’ tegenkomen, slootjes met heel schoon en glashelder kwelwater, dat aan de voet van hoger gelegen duinen boven de grond komt. Dan staat ons een strandwandeling van maar liefst ruim 600 meter te wachten. Daarna lopen we langs de gebouwen van Euratom (onderdeel van het Kernreactorcentrum Petten) en via Sint Maartenszee en Sint Maartensvlotbrug naar Sint Maartensbrug voor een welverdiende rust. Overigens, bij Sint Maartensvlotbrug hebben we het Noordhollands Kanaal overgestoken, tussen 1819 en 1824 gegraven naar ontwerp van Jan Blanken en in opdracht van koning Willem I. Door dit bijna 80 km lange en 37 meter brede kanaal werd Amsterdam via Den Helder met de zee verbonden. De bruggen hier hebben een speciale constructie: vlot- of pontonbruggen. Na de rust maken we nog een lus via Sint Maarten en door het mooie Valkkoog en het buurtschap Tjallewal naar de rand van Schagen. Vanaf hier gaan we naar de binnenstad. Maar eerst even stilstaan in Valkkoog. Een heel oud dorp, dat al in 1250 genoemd wordt in een brief van Lubbert II, Abt van de Abdij van Egmond over de inpoldering van land in en bij Vlakkoog. Op een kaart van 1288 wordt Valkkoog geschreven als ‘Valkencooch’, waarbij Cooch buitendijks land is. Wat een mooi pareltje in dit landschap! Net voordat we Schagen binnenlopen, komen we nog een plaquette tegen, die informatie geeft over Avendorp: ‘Avendorp ligt met andere woonhoogten op een rij langs een oude vaarweg, een gouw. Ze werden in de 15e eeuw met klei uit de ondergrond opgeworpen, toen zeewater het oude veenlandschap overspoelde. In later eeuwen werden alle onbewoonde terpen afgegraven. Ook van Avendorp werd ca. 1000 m3 aarde afgevoerd om het kasteelterrein van Schagen op te hogen’. En uiteraard komen we langs Het Oude Slot in Schagen. Aan het einde van de 14e bestond het huis van Schagen reeds als groot woonhuis voor de heer van Schagen, maar in 1440 werd het tot een echt kasteel verbouwd. Enkele generaties bleef het kasteel in bezit van de familie van Beieren van Schagen totdat het in 1658 werd verkocht aan George van Cats. Hij was het die de poorttoren en de voormuur liet slopen zodat het kasteel een van voren open karakter kreeg. In 1676 kocht een nazaat van het geslacht van Beieren van Schagen het kasteel: Floris Carel van Beieren, graaf van Warfusée. Omdat deze familie in België verblijf had, raakte het kasteel in verval. De restanten werden in 1827 gesloopt, waarbij dankzij de gemeente Schagen de twee ronde hoektorens gespaard bleven. De westelijke toren werd gevangenis (deze functie bleef hij overigens houden tot de eerste wereldoorlog), terwijl de oostelijk toren een cipierwoning werd. In 1931 zijn beide torens gerestaureerd, beide voorzien van een rondboogfries en gedekt door veelzijdige leien spits. In de negentiger jaren van de vorige eeuw werd het plan geopperd tot een gedeeltelijke herbouw van het Slot Schagen, waarbij de burgemeester van Schagen, J. van de Langenberg een voortrekkersrol vervuld heeft. Architect Wil Schagen heeft een ontwerp gemaakt met een verwijzing naar het verleden. In 2001 is een begin gemaakt met de bouwactiviteiten met als resultaat een fraai gebouw.
We gaan verder door de binnenstad en via het Piet Monriaanpark bereiken we weer de Sporthal Groenweg.
Sommige wandelaars vonden het een saai parkoers. Ik heb het anders ervaren, voor mij was het een interessante kennismaking met een relatief onbekend stukje Nederland.

naar de top van deze pagina