
De Moere wandeltocht op 4 maart 2006, route-informatie:
Als je aan Grollo denkt, denk je gelijk aan ‘Cuby and the Blizzards’. Vanaf het terras van Café Hofsteenge, waar Harry Muskee op het biljart stond te zingen, kan men de inmiddels fraai gerestaureerde boerderij waar hij en zijn band repeteerden voor onder andere de elpee ‘Groeten uit Grollo’ die in 1967 uitkwam. Drentse bluesmuziek die jaren furore maakte. Op de plaats waar vroeger een glas- en papierbak stond, staat nu de bronzen kop van Harry, waarmee een stuk geschiedenis van Grollo, het dorp waar hij zes jaar woonde, is vastgelegd.
Kerk van Grollo
De inwoners van Grollo gingen voor 1853 in Rolde naar de kerk. Men ging uiteraard te voet over de vaak modderige zandwegen en moesten dan per dienst 12 tot 18 kilometer afleggen.
Roelof Hagting, Remmelt Haange en Lens Beijerijng schreven rond 1850 een brief naar de koning en kregen in 1852 toestemming voor de bouw van de kerk. In totaal was er ruim 9.600,00 gulden nodig. De kerk is een zogenaamde ‘Waterstaatskerk’ , eenvoudig en degelijke bouw. Merkwaardig is de tweedehandsklok die in het klokgebind kwam te hangen, merkwaardig vanwege het opschrift: 'Ik heet Katerina, in het jaar onzes Heeren 1422'. Op 8 januari 1854 luidde de klok voor het eerst in Grollo. De aanvang van een dienst en een begrafenis wordt tegenwoordig vergezeld door de klanken van de klok.
Houtwallen
Honderd jaar geleden lagen in deze omgeving nog uitgestrekte heidevelden met zandverstuivingen.
Om verstuiving van het zand over de es tegen te gaan werden hier en daar bosjes en houtwallen of houtsingels aangelegd. Veel houtsingels zijn gelukkig bewaard gebleven en vormen samen met bosjes en vennetjes een bijzonder fraai en afwisselend geheel.
Grollerholt
Vanouds is het Grollerholt de plek geweest waar de Drentse landdag werd gehouden. De landdag werd tweemaal per jaar gehouden, meestal of in het Grollerholt of op de Bisschopsberg bij Havelte. In principe werd de landdag voorgezeten door de bisschop van Utrecht als landheer van Drenthe. Deze liet zich echter meestentijds vertegenwoordigen door de Drost. De boeren lieten zich vertegenwoordigen door gevolmachtigden, de zogenaamde Etten. De zes dingspillen van Drenthe kozen ieder twee Etten, samen twaalf. Eveneens twaalf Etten werden dingspilsgewijs door de Drost gekozen. Dit College van Drost en 24 Etten was het hoogste rechtscollege in Drenthe. Tegen vonnissen van dit College kon men niet in beroep gaan. De laatste (staatskundige) vergadering werd gehouden op 29 april 1696. Op deze vergadering werd de belangrijke beslissing genomen, dat het Stadhouderschap van Drenthe erfelijk werd, voor de nakomelingen van Prins Willem III.
Paasvuur
Een oud gebruik dat in Grolloo nog springlevend is, is het branden van het paasvuur op Paasmaandag. Vele inwoners van Grolloo kijken ieder jaar opnieuw naar dit boeiende schouwspel. Wordt tegenwoordig veel hout naar de paasbult gebracht door de bevolking van Grolloo en aldaar hoog opgestapeld met behulp van een kraan, vroeger was de jeugd vaal wekenlang na schooltijd hard aan het werk om voldoende hout bij elkaar te krijgen. De laatste zaterdag voor Pasen werd dan dit werk voltooid. De inwoners van het dorp legden dan brandbaar materaal langs de weg zoals oud meubilair, korven, papier enz. dat vervolgens door de jongelui werd opgehaald. Terwijl ze een grote geleende boerenwagen door het dorp voortduwden, zongen ze meestal het onderstaande liedje:
“Hei’j nog olde maanden,
Die wij Paosen braanden,
Of’n bossie stro of riet,
Aanders braandt oes Paosvuur niet”.
Nog niet zo lang geleden had Grolloo twee paasvuren. De dag dat het goed brandbare materiaal werd opgehaald ontspon zich altijd hevige ‘strijd’ tussen de beide groepen jongeren rond de dorpssmid omdat deze veel goed brandbaar materiaal voorhanden had, zoals oude banden.
Van deze activiteiten op de laatste zaterdag voor Pasen is niet veel meer over, maar vermoedelijk zullen de vuren in Drenthe nog lang blijven branden. De vruchtbaarheid staat hierbij centraal. Vooral vroeger waren de mensen veel meer op de natuur aangewezen dan wij tegenwoordig. Wanneer in het voorjaar door de eerste zonnewarmte de grond weer vruchtbaar werd, was men zo blij en dankbaar, dat men vreugdevuren ging ontsteken. Aldus is het paasvuur een heidens lentefeest; in de strijd tussen licht en donker wint het licht.
Flintenwegen
De historische flintenwegen, we passeren vandaag een aantal, zijn met de hand gelegde kleine granieten veldkeien. Ze zijn aangelegd tijdens de bebossingen van zand- en heidegronden in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw. Let op een van de wegen eens op de ‘middenstreep’.
Bosvaknummers
In de boswachterijen die op de ‘woeste gronden’ van voorheen zijn aangelegd, zijn forse zwerfkeien te vinden waarop het bosvaknummer is geschilderd. Deze hoekstenen dienden vooral in de beginjaren ter oriëntatie in het nog open veld. Tegenwoordig dienen ze de recreatie, dus ook ons wandelen, in de inmiddels hoog opgeschoten bossen.
Hunebedden 19 en 20
Op de Zuideres van Drouwen een hunebeddenpaar op welke in 1998 ingrijpend gerestaureerd zijn. Alle aangetroffen scheuren werden met cement dichtgesmeerd en de dekstenen weer op de draagstenen getild. In februari van dit jaar werd door vandalen trouwens weer een steen van de draagstenen af gekieperd.
Meindersveen
Landgoed Meindersveen omvat 158 ha, waarvan onder andere 99 ha bos, 1,5 ha camping, 20 ha natuurterrein. Het landgoed is gelegen op het Drents Plateau. Het bos is vanaf 1926 aangeplant op de toenmalige heide.
De bodem bestaat uit keileem, afgedekt met dekzand. Door die keileemlaag stagneert het water in natte perioden en daarom kan de grondwaterstand variëren en ontstaat vaak een wateroverlast.
Drouwenerzand
Na de laatste rust wandelen we langs een in september 1932 met keien gemetselde bank, ter nagedachtenis aan Hora Siccama van Harkstede voor zijn inzet bij de ontginning van “Het Drouwenerzand”. Voorjaarsstormen over het Drouwenerzand uit het noordwesten zorgde vroeger om het boerenwerk te vernietigen met een verstikkende laag wit zand. Overal vormden zich enorme zandheuvels en middenop prijktede hoogste heuvel, de Kwartjesberg. De ‘Kwartjesberg’ dankt zijn naam aan een initiatief van rond 1900 toen de ‘Kwartguldenvereniging’ werd opgericht door de burgemeester Dibbits van Borger. Het Nederlandse volk werd gevraagd een ‘kwartgulden’ te schenken om zoveel mogelijk bomen te planten. Het mes sneed aan twee kanten: de strijd tegen de zandverstuivingen en het tot staan brengen van het oprukkende socialisme door een werkgelegenheidsplan. In 1974 werd het Drouwenerzand aangekocht door het Drents Landschap met het doel om het stuifzand een nieuwe kans te geven. Het ‘Kwartje van Dibbits’ is nooit weer opgeëist.
De ‘Kwartjesberg’ is nu een groepsverblijf met veel speel- en leefruimte, het gehele jaar geopend.
De Moere
Vlak na te eerste wereldoorlog heeft de heer Van der Moer 55 hectare heide bij Grollo gekocht en er een landhuis gebouwd aan het Oostereind, het laatste deel van onze wandeling vandaag. Hij was kapitein op de koopvaardij en wilde in Grolloo genieten van rust en ruimte. Een appelgaard, een moestuin, alles werd aangelegd. Zijn dochter Ank van der Moer groeide uit tot een groot toneelspeelster en zijn kleindochter Annemarie Oster is ook bekend van het toneel. Nu is het landhuis een pension waar onder andere ingenieurs van de NAM bivakkeren.
Wat naast het huis begon als een onschuldig zandafgraverijtje is uitgegroeid tot een groot onnatuurlijk meer.
Staatsbosbeheer is voornemens, om met het opvullen van deze plas met teelaarde, het gebied meer mogelijkheden te bieden voor ecologische en dagrecreatieve activiteiten zoals wandelen, ATB-paden en paardensport.
De Moere wandeltocht op 4 maart 2006, historie omgeving:
Aa en Hunze nu
24.751 inwoners, 278.86 km2, waarvan 0% water) 89 inwoners per km2.
De gemeente werd in 1998 gevormd door samenvoeging van Rolde, Anloo, Gasselte en Gieten en omvat de onderdelen Amen, Anderen, Anloo, Annen, Annerveenschekanaal, Balloërveld, Balloo, Bareveld, Bonnen, Bonnerveen, Bosje, Bovenstreek, Deurze, Eerste Dwarsdiep, Eext, Eexterveen, Eexterveenschekanaal, Eexterzandvoort, Ekehaar, Eldersloo, Eleveld, Gasselte, Gasselterboerveen, Gasselterboerveenschemond, Gasselternijveen, Gasselternijveenschemond, Gasteren, Geelbroek, Gieten, Gieterveen, Grolloo, De Hilte, Kostvlies, Marwijksoord, De Moere, Nieuw-Annerveen, Nieuwediep, Nooitgedacht, Nijlande, Oud-Annerveen, Papenvoort, Schipborg, Schoonlo, Spijkerboor, Tweede Dwarsdiep, Veenhof en Vredenheim.
Het gemeentebestuur gebruikt het gemeentehuis in Gieten en dat in Annen.
Ook kwamen veel pingo's voor. De overblijfselen hiervan heten pingoruines. Ze zijn herkenbaar als meertjes of vennetjes. In bijvoorbeeld Drenthe liggen tal van kleine meertjes die vaak erg diep zijn. Ze liggen op het plateau van Midden-Drenthe en vormen de gletsjerkommen van Smilde, Dwingelo, Gieten, Grollo, Hooghalen, Schoonveld, Orvelte, Gees, Sleenerzand, Appelscha, Mekelermeer en het Esmeer. Ook op de Veluwe komen pingoruines voor, bijvoorbeeld het Uddelermeer
Achtergrondinformatie Grolloo
Vredesboom
De vrijheidsboom staat in het centrum tegenover bar-eetcafé Gerrie. Leerlingen van groep 8 van de Openbare Lagere School hebben deze Amerikaanse beuk geplant naar aanleiding van de bevrijding door de Canadezen in april 1945. Meester Van der Wal had een lied geschreven.
Onder de boom moet zich een fles bevinden met hierin de namen van de betrokken personen.
In het jaar 2000 is ter gelegenheid van het evenement Grolloo is Zo! de kei geplaatst, opdat een ieder van de oorsprong van deze boom weet. Er is toen besloten eens in de vijf jaar op deze plaats aandacht te besteden aan 4 en 5 mei. Om het belang van vrede aan te geven is op de plaquette het woord "vredesboom" aangebracht.
Brandkuil
Zoals in vele dorpen had ook Grolloo plaatsen waar water kon worden gehaald wanneer brand was uitgebroken. De brandkuil aan de Schoolstraat was zo'n plaats. Eerst met emmers en later met een door handkracht aangedreven pomp werd het water naar de brandhaard gebracht. Het vuur was een moeilijk te overwinnen vijand in de voornamelijk met rietgedekte dorpskern. Grolloo heeft twee grote branden gekend. De eerste in 1915 en de tweede in 1922.
Nederlands-Hervormde kerk
Ongeveer in de 9de eeuw zal de bevolking in onze gemeente Christen zijn geworden. Rolde was het centrum, daar stond ook de moederkerk. Eeuwenlang gingen onze voorouders uit Grolloo en Schoonloo daar ter kerke. Dat duurde tot 1853. Toen ontstond de zelfstandige kerkgemeente Grolloo/Schoonloo met een eigen kerk en pastorie. De weg naar Rolde was lang en bezwaarlijk. Dat moest wel afbreuk doen aan het kerkelijk leven, dat sterk verweven was met de dorpsgemeenschap. Vandaar het streven naar eigen zelfstandigheid. De bouwkosten voor kerk en pastorie zouden f 10.000,-- bedragen. Een groot bedrag voor de ruim 40 gezinnen in Grolloo en Schoonloo, met samen nog geen driehonderd inwoners. Vooral wanneer men bedenkt dat de toenmalige geldwaarde ongeveer 140 maal hoger was dan de huidige. Ruim de helft bracht de eigen bevolking op; het overige moest uit andere bronnen komen.
De eerste kerkdienst van de eigen gemeente werd op zondag 9 maart 1853 in de school gehouden. Van het begin af aan was het kerkelijk leven nauw verbonden met de dorpsgemeenschap. Het daadwerkelijk meeleven van de kerkeraad richt zich bij heuglijke en moeilijke tijden zoveel mogelijk op alle inwoners van Grolloo en Schoonloo. Ook omgekeerd geven bijna alle huishoudens een geldelijke bijdrage om het mogelijk te maken, dat de kerk in hun midden haar functie kan blijven vervullen. Dat zij dat inderdaad willen, is opnieuw gebleken bij de restauratie van kerk en pastorie in het jaar 1976, toen de offervaardigheid ook weer heel groot was. In 2002 heeft de kerk opnieuw een grote opknapbeurt ondergaan, waarvoor door de bevolking financieel aan werd bijgedragen.
Het pad, links van de kerk, is in 1921 gedeeltelijk verhard. Op speciaal verzoek van de kerkvoogdij is 120 meter met klinkers bestraat. Vanaf de Hoofdstraat tot aan het hek van de begraafplaats. Deze weg was regelmatig onbegaanbaar, zodat men gebruik moest maken van de pastorietuin om de begraafplaats te kunnen bereiken.
Een ander heuglijk feit in het kerkelijke leven van Grolloo vond plaats op zondag 14 augustus 1983. Toen werd officieel het orgel, een pneumatisch pijporgel, in gebruik genomen, waarmee voor het eerst in het 130-jarige bestaan van de kerk in Grolloo een echt orgel bespeeld kon worden. Daarvoor heeft men zich steeds moeten behelpen met een harmonium en later met een elektronisch orgeltje. Het nieuwe orgel is afkomstig uit de Jozefkerk in Assen. Ook de restauratiekosten van het orgel zijn door de kerkgemeente zelf betaald. Het geld werd verzameld via rommelmarkten, extra collectes en de verkoop van lepeltjes en kandelaars.
Ruilverkaveling
Ruilverkaveling Grolloo-Schoonloo is de naam van een project dat in 1951 werd aangevraagd. Er was geen toekomst op de kleine esakkers of akkertjes. Men kon hier niet rationeel en economisch werken. Ook de madegronden (natuurlijke graslanden) en ontginningsgronden werden meegenomen. Het ging totaal om 2908 ha grond. Het hoogste punt ligt ten zuiden van Schoonloo, 22 meter boven N.A.P. en het laagste punt bij het Amerdiep, 10 meter lager. Deze gronden wateren af op de Drentsche A. Elke boer had gemiddeld 10 percelen land. Er waren in 1951 nog 188 gebruikers! De boerderijen lagen bijna allemaal in de dorpskern.
Geasfalteerde wegen en fietspaden werden aangelegd. Waterlopen inclusief stuwen moesten het grondwaterpeil beheersbaar maken. Boerderijen werden deels uit het dorp verplaatst naar buiten het dorp. De kavels werden heringericht tot grotere percelen. Objecten met natuurwetenschappelijke waarde moesten gespaard blijven. In december 1959 werd het plan middels stemming aangenomen. Boeren betrokken nieuwe boerderijen, stopten of vertrokken naar elders. Boeren verhuisden naar grotere, vrijgekomen boerderijen. Kleine boerderijen kwamen te koop. De eerste stadsmensen deden hun intrede in het dorp. In 1964 werden de eerste bedrijven opgeleverd. In 1968 was de verdeling een feit. Een productiviteitsstijging van 40% was bereikt. Een basis voor de nu aanwezige agrarische sector was gelegd. Deze sector zorgt voor het afwisselende cultuurlandschap dat tezamen met het natuurlandschap een boeiend geheel vormt.
Harry Muskee en Voorstreek 4
Dit is de boerderij waar Cuby and the Blizzards repeteerden voor onder andere de elpee "Groeten uit Grollo" die in 1967 uitkwam. Drentse bluesmuziek die jaren achtereen furore maakte. Op de brink staat de bronzen kop van Muskee waarmee een stuk geschiedenis van Grolloo, het dorp waar hij zes jaar woonde, wordt vastgelegd. Voor de optredens bij Café Hofsteenge, stond de band in het begin op het biljart, want een echte installatie had men nog niet. Even verderop stond een onbewoonbare boerderij. Voor f 80,- per maand was Harry de huurder van een boerderij met slechts een werkend waterkraantje erin op de pompstraat. Café Hofsteenge werd het tweede huis, voor de maaltijd en de wc, want die was er ook niet. "Desolation", "Groeten uit Grollo" en "Trippin through a midnight blues" zijn in de boerderij ontstaan. "Apple Knockers Flophouse" is een nummer dat is ontstaan in Grolloo. Het is Amerikaans "slang" voor een goedkoop logement voor de nacht. Het is een autobiografisch nummer over de gezelligheid van de boerderij in Grolloo. ^terug
Melkfabriek Het gebouwtje verrees aan de kleine brink in Grolloo. Lange tijd werd het pand door de dorpelingen niet anders genoemd dan ,,'t oal fabriekie". Op 7 december 1894 werd de eerste melk ontvangen en de aanvoer bedroeg 600 liter. Elke boer moest zijn eigen melk naar de fabriek brengen. Veelal gebeurde dit met de kruiwagen of de handkar. De aanvoer van melk steeg jaarlijks, hetgeen natuurlijk ook een grotere productie van boter tot gevolg had. De afzet van dit product verliep echter niet op de wijze zoals het bestuur zich dat had voorgesteld en zoals wenselijk was. De coöperaties werden groter en uiteindelijk werd ook deze fabriek te klein. Op de plaats staat nu een woonhuis met de zelfde grootte.
Uit de de Drentsche en Asser courant van 15 augustus 1896:
Hedenavond 19 juni werd in de bovenzaal van J. H. J. van Wageningen een gecombineerde vergadering gehouden van de besturen der boterfabrieken te Grolloo, Rolde en Loon. Op initiatief van het bestuur van Grolloo zal men trachten een bond van boterfabrikanten in Drenthe op te richten om verbetering in de boterhandel te brengen. Circulaires zullen aan de besturen van alle fabrieken in Drenthe worden gezonden. De commissieleden die dit voorbereiden en uitvoeren zijn de heren T. Boerema en A. Huizing te Grolloo, A.J. Somer en J. Homan te Rolde en Greving te Loon.
Tramrails
De trambaan werd aangelegd, ook door Grolloo. De (E.D.S.)-tram (Eerste Drentsche Stoomtrammaatschappij) tufte met een snelheid van 50 km per uur door de Drentse dreven. De halte in Grolloo was op het brinkje tegenover de Merk tussen Hofsteenge en Gerrie, waar toen nog bakker Luinge woonde. Midden tegen het voormalige schoolplein lag de wissel. Men kon in Grolloo ook wagons op dood spoor zetten. In de richting Schoonloo lagen de rails rechts langs de straatweg en van Grolloo naar Amen voor "'t oal melkfabriekie" langs en precies tussen de boerderijen Amerweg 19 en 21 door en vervolgens steeds rechts van de weg richting Amen. Men kan hier de baan nog steeds terug vinden, maar de rails zijn opgebroken. In het begin van de jaren '20 kwamen al de eerste autobussen. Vele tramlijnen werden opgebroken, maar in Grolloo kwam de tram nog kolen brengen die dan op de halte uit de vrachtwagons konden worden gehaald. De laatste tram reed op 3 maart 1947 en de bussen en vrachtauto's namen het vervoer over.
De Moere wandeltocht op 4 maart 2006, nabeschouwing:
De Moere wandeltocht op 4 maart 2006, verslag: